Project omschrijving

De algemeen gebruikelijke definitie van chronische pijn is pijn die langer aanhoudt dan 3 tot 6 maanden. Enkele veel voorkomende voorbeelden zijn: chronische rugpijn, chronische hoofdpijn, fantoompijn, oncologische pijn (kankerpijn) en reflexdystrofie.

Pijn die ten gevolge van weefselschade ontstaat heet nociceptieve pijn (weefselpijn). Daarnaast bestaat er pijn vanuit het zenuwstelsel zelf: neuropathische pijn ofwel neuralgie (zenuwpijn). Zenuwpijn heeft vaak een meer branderig karakter en kan ook pijn geven door aanraking, door (knellende) kleding of lakens die ’s nachts over de voeten wrijven. Symptomen zijn: een branderig gevoel, tintelingen, elektrische schokken, ‘mieren’ in de benen, het overdreven voelen of te weinig voelen van een warmte- of koude prikkel. Zenuwpijn heeft een andere oorzaak dan nociceptieve pijn en behoeft dermate ook een andere behandeling. De verleiding bestaat bij de patiĆ«nt om hiervoor steeds meer en steeds sterkere pijnstillers te nemen. De klassieke pijnstillers zullen echter geen effect hebben bij pure neuropathische pijn.

Veel pijnvormen zijn echter gemengde pijn, namelijk een combinatie van nociceptieve en neuropathische pijn, zoals onder meer chronische lage rugpijn. In 30% van de gevallen heeft chronische lage rugpijn een neuropathische pijncomponent.

Een groot probleem is de ideopatische chronische pijn, zonder dat er organische afwijkingen aan ten grondslag liggen.

Bron: wikipedia